Atelier Kerosch

Werkwijze

                                       

Omhoog
Wie zijn wij
Werkwijze
Atelier
Galerie
Exposities/Markten
Cursus/Workshops
Actueel
Info-folder
Werk cursisten
Raku & Kuilvuur
Contact
Stook
Links

 

 

 

"Een goed object heeft een bepaalde spanning in zich,
maar vooral een eigen identiteit"

 

Handvormen

Je eigen handen zijn het belangrijkste gereedschap bij het boetseren. Door de klei vorm te geven door het met je vingers en duimen aan te drukken, te steunen en te sturen, produceer je een uniek 'handgemaakt' voorwerp. De opbouwtechnieken helpen je de plasticiteit van het materiaal te leren kennen zodat je het effectief kunt hanteren bij het maken van je eigen ontwerpen. Opbouwen met rollen is een uitstekende manier om allerlei soorten vormen en modellen te maken.  Ook het opbouwen met plakken klei is een veelzijdige manier om potten en dergelijke te maken. De plakken kunnen niet alleen gebruikt worden voor het maken van platte stukken, maar ook tot cilinders worden gebogen. De meeste stukken worden voor de eerste keer rond de 950º C., (afhankelijk van de kleisoort) biscuit gebakken.

 


Modelboetseren

Voor sommige werkstukken hebben modellen geposeerd. Of, zoals bij een zelfportret, wordt er gewerkt vanaf foto's. Een beeld van een mensfiguur ziet er pas goed uit als de onderlinge verhoudingen kloppen.   Wanneer de beelden dikker of groter van formaat worden, moeten ze worden uitgehold. Uithollen maakt de beelden lichter, maar nog belangrijker is, dat de kans op scheuren of het ontploffen van het werkstuk voorkomen wordt, als deze uiteindelijk de oven is gaat.


Raku

Af en toe stoken wij onze werkstukken ook in een Raku-oven. Een van oorsprong traditionele Japanse stooktechniek voor keramiek. De praktijk van het Raku-stoken bestaat hieruit, dat de werkstukken in een oven in een uurtje worden opgestookt tot ongeveer 1000º C. Met een tang worden de voorwerpen uit de oven gehaald en door deze enorme temperatuurschok gaat de glazuurlaag scheuren; het typische craquelé effect ontstaat nu. Na een tiental seconden (afhankelijk van de grootte van het voorwerp soms tot enkele minuten) worden de werkstukken in een ton met brandbaar materiaal (bijv. zaagsel) gezet. De ton wordt met een deksel afgesloten, waardoor er een zuurstof tekort en rook ontstaat en de vlam dooft. De rook dringt in de ontstane glazuurscheurtjes waardoor de craquelé duidelijk zichtbaar wordt. Waar geen glazuur zit, wordt de klei grijs tot zwart ingerookt. Na een half uurtje haal je de voorwerpen uit de ton, poetst het roet er af en het eindresultaat is daar.